Home • Autosport NL • Dutch Supercar Challenge
Peter Versluis sluit pechvol weekend met overwinning af
Ferrari-coureur Peter Versluis heeft de laatste race van de Super GT- en GT-divisie van de Supercar Challenge op de F1-omloop de Nürburgring op zijn naam geschreven. De tweede plaats ging naar Rick Abresch, en Jan Versluis eindigde na een tijdstraf voor Alex van ’t Hoff en Diederick Sijthoff op de derde positie. In de GT-divisie ging de overwinning naar Pim van Riet, voor Barry Maessen en het duo Nathan/Van Lagen. In de GTB-divisie ging de overwinning tot slot naar Charlie Frijns en René Wijnen.

Bij de start van de race was Berry van Elk goed weg. De bestuurder van de Mosler MT900 GT3 ging op de eerste positie de eerste bocht in, maar daarna slaagde Abresch er meteen in om Van Elk voorbij te schieten. Begonnen vanaf de zesde positie had Abresch dus een uitermate goede start: “Ik werd voor de eerste bocht van achteren aangetikt, maar dat kwam me eigenlijk wel goed uit. Ik schoot hierdoor namelijk meteen naar de tweede plaats.”
Abresch was niet de enige coureur met een goede start, want de vanaf de elfde startpositie schoot Peter Versluis voor de eerste bocht al door naar de derde positie. Versluis zette hierna van Elk meteen onder druk, en kon de Mosler van Van Elk dan ook al snel inhalen. Abresch en Versluis reden hierna weg van Van Elk, die bovendien Alex van ’t Hoff achter zich aan kreeg.
Vanuit het achterveld was Martin Short begonnen aan een inhaalrace. De Mosler-bestuurder was op de 24e positie gestart, maar lag na twee ronden al op positie vijf. Achter Short ontstond hierna een spannend gevecht om de zesde positie tussen Bert Longin, Philippe Ribbens, Nol Köhler en Jan Versluis. Uit groepje viel Nol Köhler terug, omdat hij moeite had om in het begin van de race het snelle tempo te volgen.
Ook Philippe Ribbens moest na drie ronden lossen in deze groep, omdat hij zijn Viper met technische problemen in de pitstraat moest parkeren. “Op het rechte stuk voor de chicane sloeg de motor af, omdat er een probleem was met de oliedruk”, vertelde Ribbens. “Ik kon de auto nog wel rollend naar de pitstraat brengen, maar daar bleek dat de oliepomp vastgeslagen was. Dat betekende helaas dus einde verhaal.”
Om de derde positie was ondertussen een fel gevecht bezig. Berry van Elk hield zich lang breed, waardoor Alex van ’t Hoff het niet snel voor elkaar kreeg om aan de Mosler voorbij te gaan. Het duurde tot de zevende ronde voordat Van ’t Hoff er in de eerste bocht in slaagde om Van Elk binnendoor in te halen. Short drong hierna ook meteen aan, en kon in dezelfde ronde van Elk in de Veedol S-chicane inhalen. Voor Van Elk was het niet veel later zelfs einde race, want hij moest zijn auto de volgende ronde door technische problemen langs de baan parkeren.
Na de pitstops had de Super GT-divisie een nieuwe leider. Door de resultaatseconden was Rick Abresch teruggevallen tot achter Peter Versluis en was Simon Wagner, die het stuur van Martin Short had overgenomen, voorbij gegaan aan het duo Van ’t Hoff/Sijthoff.
Sijthoff reed hierna ronde na ronde dichter naar Wagner toe, en plaatste uiteindelijk in de laatste ronde in de Dunlop-Kehre een gewaagde inhaalactie. Wagner stuurde in maar Sijthoff prikte de neus van zijn Corvette ertussen. Hierna raakten beide bolides elkaar waarna de Mosler van Wagner dwars ging. Beide auto’s bleven hierna tegen elkaar aanleunen waarna Wagner spinde. Sijthoff leek op die manier de derde positie te pakken, maar na afloop gaf de wedstrijdleiding Sijthoff hiervoor een tijdstraf. De op de vierde positie liggende Jan Versluis eindigde hierdoor op het podium, en Sijthoff en Van ’t Hoff vielen terug tot de vijfde positie, achter het duo Köhler/Van der Hoek.
Rick Abresch slaagde er in de slotfase niet meer in om het Versluis moeilijk te maken, waardoor de Ferrari-coureur een pechvol weekend toch nog op een mooie manier kon afsluiten. “De jongens hebben dag en nacht onder de auto gelegen om hem te repareren. Dat we het weekend dan zo mogen eindigen is natuurlijk super!”, aldus een blije Versluis na afloop.

In de GT-divisie ging het bij de start van de race fout voor Wolf Nathan. De bestuurder van de V8Star spinde samen met Niels Bouwhuis bij het uitkomen van de Mercedes-Arena en verloor hiermee veel posities. Barry Maessen kwam hierdoor op de eerste positie te liggen, met daarachter Jan van der Kooi. De Lotus-coureur was begonnen vanaf de laatste positie maar had een wereldstart waardoor hij zich al snel in het gevecht om de koppositie mengde. Van der Kooi slaagde er zelfs in om de eerste positie van Maessen over te nemen, maar Maessen kon daarna wel aanhaken bij de Lotus.
Achter het tweetal lag Pim van Riet ondertussen op de loer, en de bestuurder van de BMW-silhouette zag dat Barry Maessen er weer in slaagde om aan Van der Kooi voorbij te gaan. Hierna kon Van Riet aanhaken bij de Lotus, en kon hij na een paar ronden een ongeluk maar net vermijden. Van der Kooi viel bij het optrekken uit de Veedol S-chicane namelijk stil waardoor Van Riet bijna tegen de Lotus reed. Van Riet kon de Lotus maar net ontwijken, maar pakte hiermee wel de tweede positie. Van der Kooi viel hierna door technische problemen verder terug.
Na de pitstops was Pim van Riet op de eerste positie komen te liggen, omdat Barry Maessen door zijn resultaatseconden lang stil moest blijven staan in de pitstraat. Maessen vocht hierna felle gevechten uit met verschillende deelnemers uit de GTB-divisie, maar kon de BMW niet meer bijhalen. Pim van Riet pakte dus de overwinning, voor Barry Maessen. Wolf Nathan en Jaap van Lagen pakten uiteindelijk toch nog de derde positie, voor Pierre Etienne Bordet.

In de GTB-divisie was er een hoofdrol weggelegd voor Charlie Frijns en René Wijnen. Voor de vanaf de tweede positie gestarte Frijns ging het bij de start al fout, omdat hij in de Mercedes-Arena spinde en hierdoor veel posities verloor. Hierdoor kwam Daan Meijer met zijn Porsche 997 GT3 Cup op kop te liggen, voor Nelson van der Pol en Erol Ertan.
Frijns herstelde zich echter goed en kon al binnen een paar ronden Erol Ertan en Nelson van der Pol weer inhalen. Frijns had echter nog steeds Daan Meijer voor zich rijden, maar Meijer zag zijn eerste plaats in rook opgaan toen zijn Porsche met een lekke band te kampen kreeg. Charlie Frijns kreeg hierdoor dus de eerste positie weer in de schoot geworpen.
Na de pitstops was Kees Kreijne snel onderweg. Eerst slaagde Kreijne erin om Jacky van der Ende in te halen. De Aston Martin-coureur zette hierna Erol Ertan onder druk, en probeerde Ertan in de Mercedes-Arena uit te remmen. Kreijne was hierbij iets te enthousiast, en ging in de rondte. Toch moest Ertan uiteindelijk zijn meerdere erkennen in de snelle Kreijne.
René Wijnen was echter te ver van Kreijne vandaan om de eerste positie nog in gevaar te brengen. Wijnen en Frijns wonnen dus ondanks de spin van Frijns de race, voor Kees Kreijne. Erol Ertan kreeg de laatste ronden nog de hete adem in de nek van Jacky van der Ende en Carlo Kuijer, maar kon zijn derde positie behouden waardoor ook hij het podium mocht beklimmen.
Volledige uitslag van de race

Bij de start van de race was Berry van Elk goed weg. De bestuurder van de Mosler MT900 GT3 ging op de eerste positie de eerste bocht in, maar daarna slaagde Abresch er meteen in om Van Elk voorbij te schieten. Begonnen vanaf de zesde positie had Abresch dus een uitermate goede start: “Ik werd voor de eerste bocht van achteren aangetikt, maar dat kwam me eigenlijk wel goed uit. Ik schoot hierdoor namelijk meteen naar de tweede plaats.”
Abresch was niet de enige coureur met een goede start, want de vanaf de elfde startpositie schoot Peter Versluis voor de eerste bocht al door naar de derde positie. Versluis zette hierna van Elk meteen onder druk, en kon de Mosler van Van Elk dan ook al snel inhalen. Abresch en Versluis reden hierna weg van Van Elk, die bovendien Alex van ’t Hoff achter zich aan kreeg.
Vanuit het achterveld was Martin Short begonnen aan een inhaalrace. De Mosler-bestuurder was op de 24e positie gestart, maar lag na twee ronden al op positie vijf. Achter Short ontstond hierna een spannend gevecht om de zesde positie tussen Bert Longin, Philippe Ribbens, Nol Köhler en Jan Versluis. Uit groepje viel Nol Köhler terug, omdat hij moeite had om in het begin van de race het snelle tempo te volgen.
Ook Philippe Ribbens moest na drie ronden lossen in deze groep, omdat hij zijn Viper met technische problemen in de pitstraat moest parkeren. “Op het rechte stuk voor de chicane sloeg de motor af, omdat er een probleem was met de oliedruk”, vertelde Ribbens. “Ik kon de auto nog wel rollend naar de pitstraat brengen, maar daar bleek dat de oliepomp vastgeslagen was. Dat betekende helaas dus einde verhaal.”
Om de derde positie was ondertussen een fel gevecht bezig. Berry van Elk hield zich lang breed, waardoor Alex van ’t Hoff het niet snel voor elkaar kreeg om aan de Mosler voorbij te gaan. Het duurde tot de zevende ronde voordat Van ’t Hoff er in de eerste bocht in slaagde om Van Elk binnendoor in te halen. Short drong hierna ook meteen aan, en kon in dezelfde ronde van Elk in de Veedol S-chicane inhalen. Voor Van Elk was het niet veel later zelfs einde race, want hij moest zijn auto de volgende ronde door technische problemen langs de baan parkeren.
Na de pitstops had de Super GT-divisie een nieuwe leider. Door de resultaatseconden was Rick Abresch teruggevallen tot achter Peter Versluis en was Simon Wagner, die het stuur van Martin Short had overgenomen, voorbij gegaan aan het duo Van ’t Hoff/Sijthoff.
Sijthoff reed hierna ronde na ronde dichter naar Wagner toe, en plaatste uiteindelijk in de laatste ronde in de Dunlop-Kehre een gewaagde inhaalactie. Wagner stuurde in maar Sijthoff prikte de neus van zijn Corvette ertussen. Hierna raakten beide bolides elkaar waarna de Mosler van Wagner dwars ging. Beide auto’s bleven hierna tegen elkaar aanleunen waarna Wagner spinde. Sijthoff leek op die manier de derde positie te pakken, maar na afloop gaf de wedstrijdleiding Sijthoff hiervoor een tijdstraf. De op de vierde positie liggende Jan Versluis eindigde hierdoor op het podium, en Sijthoff en Van ’t Hoff vielen terug tot de vijfde positie, achter het duo Köhler/Van der Hoek.
Rick Abresch slaagde er in de slotfase niet meer in om het Versluis moeilijk te maken, waardoor de Ferrari-coureur een pechvol weekend toch nog op een mooie manier kon afsluiten. “De jongens hebben dag en nacht onder de auto gelegen om hem te repareren. Dat we het weekend dan zo mogen eindigen is natuurlijk super!”, aldus een blije Versluis na afloop.

In de GT-divisie ging het bij de start van de race fout voor Wolf Nathan. De bestuurder van de V8Star spinde samen met Niels Bouwhuis bij het uitkomen van de Mercedes-Arena en verloor hiermee veel posities. Barry Maessen kwam hierdoor op de eerste positie te liggen, met daarachter Jan van der Kooi. De Lotus-coureur was begonnen vanaf de laatste positie maar had een wereldstart waardoor hij zich al snel in het gevecht om de koppositie mengde. Van der Kooi slaagde er zelfs in om de eerste positie van Maessen over te nemen, maar Maessen kon daarna wel aanhaken bij de Lotus.
Achter het tweetal lag Pim van Riet ondertussen op de loer, en de bestuurder van de BMW-silhouette zag dat Barry Maessen er weer in slaagde om aan Van der Kooi voorbij te gaan. Hierna kon Van Riet aanhaken bij de Lotus, en kon hij na een paar ronden een ongeluk maar net vermijden. Van der Kooi viel bij het optrekken uit de Veedol S-chicane namelijk stil waardoor Van Riet bijna tegen de Lotus reed. Van Riet kon de Lotus maar net ontwijken, maar pakte hiermee wel de tweede positie. Van der Kooi viel hierna door technische problemen verder terug.
Na de pitstops was Pim van Riet op de eerste positie komen te liggen, omdat Barry Maessen door zijn resultaatseconden lang stil moest blijven staan in de pitstraat. Maessen vocht hierna felle gevechten uit met verschillende deelnemers uit de GTB-divisie, maar kon de BMW niet meer bijhalen. Pim van Riet pakte dus de overwinning, voor Barry Maessen. Wolf Nathan en Jaap van Lagen pakten uiteindelijk toch nog de derde positie, voor Pierre Etienne Bordet.

In de GTB-divisie was er een hoofdrol weggelegd voor Charlie Frijns en René Wijnen. Voor de vanaf de tweede positie gestarte Frijns ging het bij de start al fout, omdat hij in de Mercedes-Arena spinde en hierdoor veel posities verloor. Hierdoor kwam Daan Meijer met zijn Porsche 997 GT3 Cup op kop te liggen, voor Nelson van der Pol en Erol Ertan.
Frijns herstelde zich echter goed en kon al binnen een paar ronden Erol Ertan en Nelson van der Pol weer inhalen. Frijns had echter nog steeds Daan Meijer voor zich rijden, maar Meijer zag zijn eerste plaats in rook opgaan toen zijn Porsche met een lekke band te kampen kreeg. Charlie Frijns kreeg hierdoor dus de eerste positie weer in de schoot geworpen.
Na de pitstops was Kees Kreijne snel onderweg. Eerst slaagde Kreijne erin om Jacky van der Ende in te halen. De Aston Martin-coureur zette hierna Erol Ertan onder druk, en probeerde Ertan in de Mercedes-Arena uit te remmen. Kreijne was hierbij iets te enthousiast, en ging in de rondte. Toch moest Ertan uiteindelijk zijn meerdere erkennen in de snelle Kreijne.
René Wijnen was echter te ver van Kreijne vandaan om de eerste positie nog in gevaar te brengen. Wijnen en Frijns wonnen dus ondanks de spin van Frijns de race, voor Kees Kreijne. Erol Ertan kreeg de laatste ronden nog de hete adem in de nek van Jacky van der Ende en Carlo Kuijer, maar kon zijn derde positie behouden waardoor ook hij het podium mocht beklimmen.
Volledige uitslag van de race
M
Maurice Hoogers
Redactie RaceXpress
Reacties (0)
Wees de eerste die reageert.
Meer uit Autosport NL • Dutch Supercar Challenge

Priscilla Speelman en Teunis van der Grift winnen tijdens The Racing Day: "We zouden helemaal niet rijden"

Mark Jobst kan het nu afvinken! Overwinning tijdens The Racing Days op Circuit Assen

Bas Voermans combineert ondernemen met racen en scoort podium bij de Supercar Challenge tijdens The Racing Days in Assen

The Racing Days Assen: Volg hier alle resultaten van de races via de LIVE-TIMING!
Meer nieuws
30-07




